Nelson Mandela, bokser en verzoener


Nelson Mandela, de man die miljoenen mensen over de hele wereld inspireert om voor rechtvaardigheid en respect te strijden,

strijdt in een ziekenhuis in Pretoria voor zijn leven.

De nu 94-jarige ANC-kopman en de eerste democratisch gekozen president van Zuid-Afrika

is herstellende van een longontsteking en een aanvullende operatie.

Madiba, zoals velen hem liefkozend noemen, is al enkele jaren ernstig verzwakt.

“De kans dat een 94-jarige weer herstelt van een longontsteking zijn niet groot als zijn gezondheidstoestand al niet goed is.

Dan is het een kwestie van enkele weken misschien. Tenzij er natuurlijk een wonder gebeurt”, zei een medicus mij begin december.

 

Mandela rond 1950. foto: Eli Weinberg

 

Nelson Mandela is natuurlijk een wonder. Hij overleefde 28 zware jaren in de gevangenis, en slaagde er zelfs in om zijn bewakers

mentaal en juridisch terzijde te staan. Bewakers die na de vrijlating van de mede-oprichter van het bevrijdingsleger van het ANC,

Umkhonto we Sizwe, verklaarden dat ze diep ontzag voor Mandela hadden en met moeilijke situaties altijd bij hem konden aankloppen.

Dat is de grootste kracht van Mandela: hij koestert geen haatgevoelens jegens de verdedigers van het apartheidssysteem dat tientallen

miljoenen zwarte Zuid-Afrikanen tot op het bot vernederde, elke dag weer. Mandela beseft dat Zuid-Afrika alleen een toekomst heeft

als er respect en perspectief is voor al z’n burgers.

Ook voor mij was dit een leerproces. Toen Mandela in 1990 samen met zijn toenmalige vrouw Winnie hand in hand de poort van

de gevangenis uitliep, live te zien op televisie in de hele wereld, verwachtte menigeen spijkerharde toespraken van de ANC-leider.

Zuid-Afrika stond klaar om de macht uit de witte handen te trekken en veel witte burgers hadden hun koffers gepakt om naar het

buitenland te kunnen vluchten.


Maar Mandela sprak verzoenende woorden. Eerst op de dag van zijn vrijlating vanaf het balkon van het stadhuis in Kaapstad. Later ook

op andere plaatsen, zoals een voetbalstadion in Soweto. Er was intense vreugde, diepe emotie, grote actiebereidheid bij de

zwarte bevolking. En bij de witte mensen die al eerder de zijde van het verzet gekozen hadden. Maar de oproep om de boel radicaal

op z’n kop te zetten bleef uit.


De eerste buitenlandse reis van Nelson en Winnie Mandela ging naar Stockholm, Zweden. Madiba wilde de doodzieke ANC-leider

Oliver Tambo, OR voor veel Zuid-Afrikanen, opzoeken. Hij pakte de draad weer op; ruim 30 jaar daarvoor hadden Tambo en Mandela

samen een advocatenkantoor, waar zij politieke tegenstanders van het racistische regime die geen rechtszaak konden betalen

kosteloos verdedigden.

 

Nu de apartheid aangeschoten wild was geworden en het ANC naar ieders verwachting de macht zou overnemen, ging Mandela bij

Oliver Tambo te rade. Want Mandela respecteert als geen ander de discipline van de politieke beweging waar hij deel van uitmaakt,

wars van persoonlijk gewin.

Olivier Tambo in 1981. foto: Inge Goijaerts

 

Er was in Stockholm  een grote manifestatie georganiseerd. Ik herinner me de metro waar duizenden opgetogen en verwachtingsvolle

Zweden, uitgedost in de kleuren zwart-groen-goud van het ANC, op weg waren naar die happening. Opmerkelijk, want Zweden zijn

doorgaans zeer ingetogen, zeggen geen woord te veel. Ik vond het een feest om daar tussen te lopen, de metrotrappen op

en de giga-zaal in.

 

Ik was voor een 4-daags bezoek aan Stockholm namens de Anti-Apartheids Beweging Nederland om de ANC-delegatie te ontmoeten

en een bezoek van Mandela aan ons land (mede) gestalte te geven. Een bezoek waar in politiek Den Haag ook aan werd gewerkt.

Ik was, als enige niet-Zuid-Afrikaan, door de ANC-ballingen die vanuit de hele wereld naar Stockholm waren gekomen om hun leider te zien,

opgenomen in de familie. Zoals wij ook deden als er een ANC-strijder in Amsterdam kwam.

 

Vier dagen lang leefde ik in een droom, ontmoette de Mandela’s enkele malen en – ik zal het nooit vergeten – had de ongelooflijke eer

om naar het koninklijk paleis te worden gebracht voor een ontmoeting van enkele minuten met Oliver Tambo. Ja, ik wist dat het ANC ons

solidariteitswerk met hun strijd waardeerde, maar dit was voor mij ongekend.

De ANC-mensen verzekerden me dat Tambo erop stond om de vriend uit Nederland te ontvangen, zo ziek als hij was.

Ik vertegenwoordigde de Nederlanders die de bevrijdingsbeweging onvoorwaardelijk hadden gesteund.

Vele keren was Tambo in Nederland geweest, een diepe indruk achterlatend bij iedereen die hem ontmoette.

Vraag maar aan de schoolkinderen, nu denk ik rond de 50, die een rondvaart door de Amsterdamse grachten maakten

en waarbij het zo’n feest werd dat de boot niet na een uur maar pas na anderhalf uur aanmeerde.

Tambo leek daarin zeer op Mandela; kinderen moeten voorrang krijgen, altijd en overal.

 

Het werd een van mijn kant zeer emotioneel afscheid. De man die tientallen jaren de strijd van het ANC vanuit het buitenland had

aangevoerd, had zich toen al met het feit verzoend dat zijn leven ten einde liep.

Nelson Mandela bracht zijn oude strijdmakker een eerbetoon en weerstond de druk vanuit de Verenigde Staten om als eerste

naar de VS af te reizen. First things First, heet dat.

 

Zaterdagavond, Nelson en Winnie Mandela kunnen elk moment het podium op lopen. De Zweden zingen liedjes, duwen en trekken

aan elkaar. Het is een mensenzee in ANC-kleuren. Ik ben even buitenstaander. Voelde me die dagen toch al niet jofel, want ik miste

mijn vrouw Inge en mijn 3 maanden oude tweeling zoons Erik en Martijn. Wilde na 2 dagen al naar huis, maar werd door

ex-politiek gevangene en ANC-strijder Denis Goldberg met trefzekere en vaderlijke hand opgevangen. Want van eenzaamheid hadden

die gestaalde kaders, jarenlang bij ondergronds werk betrokken, veel verstand.


Denis Goldberg in 1985. foto: Inge Goijaerts

Dan kondigt iemand iets aan wat ik uiteraard niet kan verstaan maar dat maakt niets uit. Er zwelt een gigantisch gejuich aan. Minutenlang

ondergaan de Mandela’s een donderende ovatie. Dan veranderen de zwaaiende handen van Mandela in kalmerende handen. En met

krachtige, vastberaden maar rustige stem brengt hij de Zweden waarvoor ze gekomen zijn. Wat gaat er in Zuid-Afrika gebeuren?

Wat betekent dat voor ons, solidaire Zweden? Hoe snel kunnen we met projecten beginnen om een democratisch Zuid-Afrika te steunen?

Officieel is de apartheid immers nog niet verslagen, en de eerste vrije verkiezingen zullen nog 4 jaar op zich laten wachten.

 

De Zweden zijn er klaar voor. Voor een omwenteling in het Zuiden waarbij de witten hun privileges zullen verliezen en alles eerlijk gedeeld

gaat worden. Ze verwachten een bikkelharde strijd, de laatste fase van de bevrijdingsoorlog. Het ANC zal de racisten verdrijven. En hier

staat Mandela, na zijn tussenstop op Schiphol voor het eerst in levende lijve te zien buiten Zuid-Afrika, en hij gaat hen vertellen wat hen te

doen staat.

Maar de gezwollen taal, de opzwepende woorden, ze komen niet. Mandela legt kalm en gedecideerd uit dat er nu van de bevolking

van Zuid-Afrika en van mensen elders die de strijd steunen gevraagd wordt hard te werken, zich met hun buren te verzoenen.

Voor iedere Zuid-Afrikaan, ook wie een fout heeft gemaakt door op het apartheidspaard te wedden, is een plekje onder de zon.

Moet een plekje zijn. Geen blijtjesdag. Geen wraakacties. Opbouw. Deur aan deur mensen betrekken.

Een lange weg richting eerste vrije verkiezingen ligt voor ons, houdt Madiba zijn gehoor voor.


Verwarring, je voelt hem, in de zaal. Soms klatert het applaus op, vaak is het relatief muisstil. Tienduizenden Zweden krijgen eigenlijk

les in verzoening, in het belang van een samenleving in balans. Ik zal het nooit vergeten. En het is nu, Kerstmis 2012, weer even actueel.

Ik hoop dat Madiba na de kerst weer naar huis zal kunnen gaan, het ziekenhuis uit. Naar de Transkei, naar zijn kinderen, kleinkinderen,

zijn vrouw Grace, zijn dorpsgemeenschap. Die zonder het misschien wel te beseffen de gelukkigste mensen op aarde zijn.

 

Want Mandela woont daar, in de heuvels van Transkei.

 

Fulco van Aurich